Begin 16de eeuw komt er een bloemmotief in de mode op knopen waarbij een enkele bloem wordt opgebouwd met druppelvormige blaadjes. De bloemvorm wordt voor de eenvoud een “druppelblad” genoemd.
Deze blaadjes zijn eerst nog rond en vol zodat de bloemen er zeer eenvoudig uitzien.
Het lijkt erop dat de eerste varianten gemaakt zijn van loodtin.
Vanaf ca 1550 verschijnen er druppelbladen met spaken tussen de blaadjes, ook van koper.
De bloem evalueert door. In 1575 is er een druppelblad dat ligt op een mandje maar ook een loodtinnen die ligt op een raster. Er is ook een druppelblad ontstaan die de contouren van het blad volgt, als het ware een soort lijntekening. Tussen de bladen in verschijnen parels en spaken. Hierna ontstaan allerlei variaties. Zo is er een druppelblad dat ligt op een verfijnd raster. Ook is er een druppelblad met rechthoekige bladen en pijlen. Deze laatstgenoemde knopen lijken soms op kerststerren.
Het enkele resultaat weergeven
