token

In vroeger tijden doken er overal kleine ronde loodjes op — tokens, zoals we ze nu noemen. Ze werden niet altijd als echt geld gebruikt, maar deden vaak dienst als pseudogeld of speelgeld. In herbergen, markten of werkplaatsen kon zo’n loodtoken dienen als betaalmiddel voor een consumptie, een dienst of een spelletje.

Sommige tokens waren eenvoudige afslagen van bestaande munten: men drukte een munt in zacht lood, waardoor een vage afdruk van het origineel ontstond. Andere waren zelfstandig geslagen loodschijfjes, met soms een eenvoudig motief of cijfer erop. Ze hadden geen officiële waarde, maar wél betekenis binnen een beperkte kring – een herberg, een fabriek of een huishouden.

Zo vertellen deze kleine ronde loodjes, vaak achteloos weggegooid en eeuwen later weergevonden, het verhaal van een informele economie waarin vertrouwen, spel en eenvoud hand in hand gingen.